De 25-jarige Dimphna werd vrijdag op gewelddadige wijze van haar telefoon beroofd op een vol perron in Waddinxveen. Ze kan nog steeds niet geloven dat niemand haar hielp tijdens, of na de misdaad. Ze zit al dagen binnen.
'Alleen thuis voel ik me veilig. Zodra ik op de fiets of in de auto stap, krijg ik hartkloppingen. Er zit veel spanning in mijn lijf. Naar het station durf ik al helemaal niet,' meldt ze aan het AD vandaag
Hard gillen
Haar moeder leerde Dimphna om zo hard mogelijk te gillen als haar iets zou overkomen. 'Dan is er altijd wel iemand die je te hulp schiet, zei zij'. Dat bleek niet het geval toen de 25-jarige vrouw vrijdag werd beroofd van haar telefoon op vol perron. 'Ik ben echt mijn vertrouwen in de medemens kwijt.'Het slachtoffer uit Waddinxveen vindt het 'onvoorstelbaar'. Die bewuste dag wachtte ze op een bankje op de trein en stuurt een vriendin nog even een sms. Het is even voor 15.00 uur. Om haar heen staan zo'n zes mensen. Ineens probeert iemand haar telefoon af te pakken. 'Ik keek hem aan en zei: 'Wat doe je nou?',' vertelt Dimphna. 'Hij zei dat het maar een grapje was.'
'Niemand deed iets'
Ze denkt nog even dat het daarbij blijft. Maar als de trein naar Gouda het station binnenrijdt, slaat de rover alsnog toe. 'Hij pakte mijn telefoon beet. Ik hield vast en hij sleurde me van het bankje, over het perron. Ik gilde, huilde en riep om hulp. Maar niemand deed iets.'De worsteling duurt voort tot vlak voor de rand van het perron. Als de trein dichterbij komt laat ze haar mobiel los. Dimphna blijft gewond op het perron achter. Haar knie en enkel liggen open. Ook haar nek en rug doen pijn.
'Onvoorstelbaar. Tijdens de worsteling stonden er al genoeg mensen, maar ze gedroegen zich als ramptoeristen: ze keken met grote ogen naar me, alsof ik van een andere planeet kwam. Maar deden helemaal niks.'
Politie
'Iedereen stapte gewoon de trein in en uit, niemand keek naar me om. Een mevrouw riep bits naar me: 'Misschien is het een idee dat je de politie belt'. En daar lag ik dan. Mijn mond stond open van verbazing.'Toen zag ze de conductrice van de net gearriveerde trein. 'Ik dacht: gelukkig, iemand in uniform. Maar de conductrice zei: 'Ik kan niks voor je doen'. Ze blies op haar fluitje en de trein vertrok.'
De NS zegt in een reactie niet exact te kunnen nagaan wat er is gebeurd. 'Maar ons personeel is bevoegd om mensen aan te houden én zal altijd proberen slachtoffers te helpen,' zegt Edwin van Scherrenbrug van de NS. 'Nota bene 1 dag eerder was er een soortgelijke beroving op station Waddinxveen-Noord. Toen heeft NS-personeel direct de politie gebeld. Wellicht dat het om dezelfde dader gaat.'
Dimphna is geschrokken van de passieve houding van de omstanders. 'Ik wil iedereen op het hart drukken dat je in zo'n situatie aan de bel moet trekken. Dat mensen geen keiharde actie ondernemen, snap ik heus wel. Ze hadden hem niet in elkaar hoeven te slaan, maar één telefoontje naar de politie is toch geen moeite? Echt, laat mensen niet aan hun lot over.'
Signalement
De politie bracht gisteren het verhaal van Dimphna naar buiten en is op zoek naar de dader. Er hangen echter geen camera's op station Waddinxveen, waardoor het zoeken naar de dader wel eens lang zou kunnen duren. De politie heeft een signalement van de dader verspreid.Het gaat om een lichtgetinte man van 20 tot 25 jaar oud, mogelijk van Noord-Afrikaanse afkomst. Hij is 1.70 tot 1.80 meter lang en heeft een normaal tot tenger postuur en een smal gezicht. Hij droeg vrijdag een baseballpetje en wit met grijze sportschoenen.
Veiligheid wordt meestal in verband gebracht met meer blauw op straat, maar in de Britse stad Todmorden ontdekten de inwoners een andere relatie. Sinds de aanleg van moestuinen in de stad, als onderdeel van het programma Incredible Edible Todmorden (IET), daalt de criminaliteit elk jaar.In het bijna 15000 inwoners tellende stadje, tussen Yorkshire en Lancashire, groeien verse kruiden, lekker fruit en sappige groenten bij overheidsgebouwen, hogescholen en supermarkten. Tuintjes, kweekbedden en zelfs parkeerplaatsen staan vol verse producten die iedereen gratis mag eten. Doel van IET-programma is Todmorden geheel zelfvoorzienend in voedsel te maken.
Op dit moment zijn 70 grote kweekbedden gerealiseerd in de stad om frambozen, abrikozen, appels, maar ook andere groenten, fruit en kruiden te verbouwen. De lokale bewoners deden al snel mee aan het programma. Ze maken bovendien geen misbruik van het systeem.
“Als je een berm neemt die als vuilnisbak en hondentoilet werd gebruikt, en je maakt er een kweekbed vol kruiden en fruitbomen van, dan zullen mensen de boel niet vernielen. Ik denk dat we geprogrammeerd zijn om voedsel niet te beschadigen,” zegt initiatiefneemster Warhurst. Van misbruik, vandalisme of andere criminaliteit is geen sprake. Op NaturalNews.com merkt Warhurst op dat het tegenovergestelde juist plaatvindt. Sinds het programma loopt, neemt de criminaliteit elk jaar sneller af. Ook zijn de onderlinge relaties tussen bewoners verbeterd.
Bron: Natural News
Een wereldreis in 5 minuten: schitterende foto’s
Lees ook:
Nederlandse LED op zonne-energie blijkt wereldsucces
TED Talks Martin Seligman talks about psychology -- as a field of study and as it works one-on-one with each patient and each practitioner. As it moves beyond a focus on disease, what can modern psychology help us to become?
Wouter Vanstiphout
Blame the Architect: On the relationship between urban planning, architecture, culture and urban violence
Date: 3/2/2011
Time: 18:00:00
Venue: Lecture HallRunning time: 90 mins
After the riots in the French banlieues of 2005, fingers were pointed at the architects and planners responsible for the high-rise suburbs as the culprits behind the alienation, the poverty and ultimately the violence erupting around French cities. Just as 20 years earlier in Broadwater Farm, even Le Corbusier himself was blamed for the street fights that took place. Does architectural form have the power to change people’s behaviour in such violent ways as some critics would have you believe? Are these riots insurrections against oppression, or are they part of a culture of violence, that uses modern urban spaces as its theatrical backdrop? Who is to blame? The system, the rioter, the architect? Wouter Vanstiphout is part of Crimson Architectural Historians. He is professor of Design and Politics at the Faculty of Architecture at Delft Technical University. He has (co)authored books including Mart Stams Trousers, Stories from behind the scenes of Dutch Moral Modernism (Rotterdam 1999), Too Blessed to Be Depressed Crimson Architectural Historians 1994–2002 and The Big WiMBY! Book Future , Past and Present of a New Town (Rotterdam 2007). From 2000 to 2007 he and Crimson directed the urban transformation project of the Dutch New Town of Hoogvliet.
Niet de feiten, wel de fictie bepaalt wat we doen aan veiligheid. Is de beleving dan toch sterker? Of gaat het om politieke krachten?
Veiligheidsbeleid vaak gebaseerd op mediahypesNederlandse politici en media benoemen jongerenoverlast op straat als een urgent probleem voor onze binnensteden. Er zou nieuw en harder beleid moeten komen. Mijn promotieonderzoek laat echter zien dat bewoners van deze achterstandwijken de jongerenoverlast zelf niet als problematisch ervaren. Hoe kan dat, vraagt onderzoeker Monique Koomans zich af.
Veiligheidsbeleid is ontvankelijk voor politieke retoriek en mediahypes. Nieuwe en hardere maatregelen worden verantwoord door te verwijzen naar de vermeende groei van het probleem en de publieke roep in de media. Criminologen hebben de taak deze criminaliteitsmythes, zoals een explosief groeiende criminaliteit, te ontkrachten en de beweegredenen achter veiligheidsbeleid kritisch te analyseren. In het geval van jongerenoverlast op straat moeten de vragen worden gesteld: is het correct dat overlast sterk toeneemt? Zijn nieuwe maatregelen noodzakelijk? En klopt het beeld dat ontstaat door de berichtgeving in de schrijvende media?
Tijdens mijn promotieonderzoek bleek dat de politieke aannames die een hardere aanpak van straatoverlast legitimeren over het algemeen niet meer worden betwist. Zo wordt over de premisse ‘het huidige arsenaal aan maatregelen is niet voldoende’ op politiek niveau nauwelijks meer getwijfeld. Bovendien heerst het idee dat de overlast sterk toeneemt en dat bewoners uit Vogelaarwijken harde maatregelen eisen. Beide veronderstellingen blijken echter niet te kloppen.
Geterroriseerd
Bewoners van probleemwijken vragen minder luid om harde maatregelen dan politici lijken te geloven. En hoewel de media steeds meer aandacht besteden aan straatoverlast, is het daadwerkelijke probleem statistisch gezien niet fors toegenomen en voelen bewoners zich er niet door geterroriseerd. Dit betekent niet dat het probleem niet bestaat, maar wel dat politici in de praktijk eerder reageren op alarmerende mediaberichtgeving dan op een feitelijk publiek verzoek tot actie.
De vorming van veiligheidsbeleid doet geregeld denken aan een steeds sneller rijdende, onbestuurde trein: niemand lijkt zich meer af te vragen van welk station hij is vertrokken, de trein krijgt zoveel vaart dat hij eigenlijk niet meer te stoppen is en de nog onbekende eindbestemming komt maar niet in zicht.
Repressieve aanpak
Het is essentieel (nieuw) beleid steeds opnieuw tegen het licht te houden. Het gevaar dreigt anders dat onnodig, ineffectief of zelfs contraproductief beleid wordt ingevoerd. Engeland, waar een repressievere aanpak van overlast al een decennium lang gemeengoed is, heeft de nadelen hiervan inmiddels ondervonden. Jongeren voelen zich door deze harde aanpak geïsoleerd en buitengesloten in hun wijk. In sommige gevallen worden nieuwe opgelegde maatregelen, zoals een gebiedsverbod, door de jeugd zelfs gezien als een soort ‘badge of honour’; een bewijs dat je straatwaardig bent.
Afgelopen zomer heeft Theresa May, de Engelse minister van Binnenlandse zaken, gezegd de hardere aanpak af te bouwen en terug te keren naar een combinatie van sociaal beleid en repressie; een van oorsprong typisch Nederlands beleidscombinatie dus. Met andere woorden: we doen het hier nog niet zo slecht.
Het probleem is niet dermate explosief of bedreigend voor onze stedelijke samenleving dat er nieuw beleid nodig is, maar bestaande beleidsinstrumenten worden nog onvoldoende ingezet. Reflectie op veiligheidsbeleid door politici en de media is wenselijk, om zo aan de noodrem van de razende trein te kunnen trekken.
Dr. Monique Koemans, is werkzaam als docent/onderzoeker bij de Leidse Universiteit. Zij promoveerde 17 november 2011 op haar proefschrift: ‘The war on antisocial behaviour’.
Sociale controle en het politiekeurmerk veilig wonen: hoe we allemaal veilig willen wonen en wat we daaraan kunnen doen.
video by LifestyleXperienceTV
Hoe we ons veiligheidsgevoel versterken met het idee dat we ons kunnen voorbereiden op onheil van buitenaf.
Veiligheid voor alles, veiligheid begint bij voorkomen. Via Nederlandveilig.nu helpen wij u om deze veiligheid te realiseren. Via diverse websites kunt u op een eenvoudig wijze diverse veiligheidsaspecten controleren. Of het nu over inbraak, brand of preventie gaat Nederlandveilig.nu helpt u veilig op weg.
Hoe veilig is een gated community eigenlijk? Eerder een illusie dan werkelijkheid blijkt uit dit plaatje.
Achtergrondartikel over het gedachtengoed van Zygmunt Bauman.
Vloeibaar is het kenmerk van vloeistoffen en gassen. Vloeibaar is ook het kenmerk van de huidige tijd. Liquid Modernity noemt de Brits-Poolse socioloog de fase waar de samenleving nu verkeert. In Baumans cultuuranalyse veranderen de condities van de 21ste eeuw zo snel dat de mens er niet meer in slaagt ze te consolideren in gewoonten en routines. Hij gebruikt ook wel de metafoor van de rhizoom: het leven is een wortelstok met onverwachte uitstulpingen en reserves.
Biografie Zygmunt BaumanGeboren in 1925 in een arme Joodse familie in het Poolse Poznan, had Zygmunt Bauman op zijn twintigste al kennisgemaakt met antisemitisme, nazisme, oorlog en stalinisme. Hij vocht tijdens de Tweede Wereldoorlog in het Poolse leger vanuit Rusland tegen de nazis. In 1953 werd hij tijdens een zuiveringsactie van Joden uit het Poolse leger gezet en in 1968 ontslagen aan de Universiteit van Warschau, om te vluchten naar Engeland waar hij tot zijn pensionering in 1990 aan de universiteit van Leeds sociologie bedreef. In 1989 verscheen één van zijn bekendste boeken, Modernity and the Holocaust, waarvoor hij de European Amalfi Prize for Sociology and Social Science ontving. Sinds zijn pensionering publiceerde hij steeds meer, steeds sneller. In 2004 drie nieuwe werken en een herdruk. In 2005 kwam in de serie – eerder verschenen Liquid Modernity en Liquid Love – nu Liquid Life uit en verscheen Bauman in de serie Key Sociologists van Routledge waar onder meer Durkheim, Marx, Weber, Foucault en Bourdieu hem voorgingen. Hij verscheen ook al in twee andere Britse series: Key contemporary social theorists: en in de Sage Masters of Modern Social Thought.
Oud als hij is, is Zygmunt Bauman naarstig op zoek naar nieuwe begrippen. De taal van de sociologie zou met begrippen als ‘samenleving’, ‘gezin’ en ‘sociale klasse’ zijn blijven steken in de negentiende eeuw. Zo duidt samenleving op een geheel, terwijl alles juist voortdurend en onherstelbaar uiteenloopt. Net zoals het gezin aan erosie onderhevig is. In navolging van zijn Duitse collega Ulrich Beck betitelt Bauman gezin, samenleving en sociale klasse als ‘zombiecategorieën’: in de sociale werkelijkheid bestaan ze niet meer, maar sociologen blijven ze nog gebruiken.
Zijn jongste boek, Liquid Life, is een lang kritisch essay over individualiteit als een lastig, zo niet onmogelijk doel. Bauman memoreert de scène uit de Monty Python film Life of Brian. Daarin gilt vermeend messias Brian naar zijn volgers: ‘You are all individuals!’ Waarop een kleine stem gilt: ‘I am not!’ De massa kijkt dan kwaad rond wie dit durft te zeggen. Met het voorbeeld van Brian wil Bauman benadrukken dat de zoektocht naar individualiteit veel frustratie oplevert. En dat juist die zoektocht leidt tot nieuwe vormen van controle.
Met het nodige cynisme omschrijft Bauman het leger professionele helpers die ‘met modegevoelige recepten – tegen de juiste prijs natuurlijk – het individu gidsen door de donkere grotten van zijn of haar ziel alwaar ergens de authentieke zelf gevangen zit die moet worstelen naar het licht.’ Mensen raken afhankelijk van adviseurs en betalen ook nog eens voor iets dat onmogelijk is. Want advies inkopen om een individu te worden, is als het kopen van een schuilkelder om een atoomramp te bezweren, of als flessen water inslaan om vervuiling van drinkwater vóór te zijn. Het zijn pogingen om met consumentenvaardigheden wereldproblemen te lijf gaan, aldus Bauman.
Obsessief
Een nieuw type mens ziet hij daardoor ontstaan: de kiezende mens, ofwel Homo Eligens. De Homo Eligens wordt voortgedreven door obsessieve verandering. Altijd incompleet en nooit af, bezig met identiteitsveranderingen en levend binnen meervoudige sociale netwerken, de menselijke behoefte om ergens in te geloven en ergens bij te horen afwentelend op de consumptiewereld.
En, sombert Bauman nog even door, mensen raken ermee besmet, ze leven om er zoveel mogelijk uit te halen. De wereld is niet hun thuis en niet hun bezit en het exploiteren ervan is niet meer dan het terughalen van wat hun ontnomen is. Er is geen ruimte voor iets anders dan wat ter plekke kan worden geconsumeerd. Auto’s, kleding, huisinrichting, het lichaam, genen, alles is te koop, alles vergankelijk. Net als filosofe Hannah Arendt ziet Bauman de huidige tijd als een donkere tijd, omdat het individu zich terugtrekt uit de politiek en het publieke debat. Op de recente Nexusconferentie in Amsterdam beschreef hij de menselijke beschaving als flinterdun, verwijzend naar de chaos als gevolg van de orkaan Katrina in New Orleans.
Zijn kritische analyses inspireren wetenschappers, maar Bauman wordt ook genegeerd door een deel van de wetenschappelijke gemeenschap. Het aantal citaties volgens de Social Sciences Citation Index is flink en illustreert dat Bauman vooral in bepaalde, met name Britse tijdschriften, zoals Theory, Culture & Society en Sociology, het tijdschrift van de British Sociological Association, populair is. In Nederland publiceerde de, inmiddels overleden, socioloog Piet Nijhoff veel over Bauman onder meer in het Amsterdam Sociologisch Tijdschrift. Nijhoff was fan van het toen nog met name post-modernistische werk van Bauman. De Bauman schrijft pragmatischer; met name Britse sociologen vinden dat geen socioloog beter in contact staat met de huidige Zeitgeist dan Ziggy B..
De behoefte om ergens in te geloven en ergens bij te horen wentelen mensen af op de consumptiewereld.
Een ‘superstar’, schrijft Tony Blackshaw van Sheffield Hallam University. Blackshaw is auteur van het onlangs verschenen deel over Bauman in de serie Key Sociologists. ‘Bauman lezen is de beste manier is om de socioloog in ons wakker te schudden’, vertelt Blackshaw en hij gebruikt meer superlatieven, zoals ‘de belangrijkste duider van 21ste eeuw.’.
Bauman negeren of hem een superstar vinden. Hoe ligt dat onder Nederlandse sociologen? Al even extreem: ‘Een scherpzinnig waarnemer van de hedendaagse samenleving’ en ‘één van de grootste sociologen’, zegt Godfried Engbersen, hoogleraar algemene sociologie aan de Erasmus Universiteit. Engbersen vertelt dat veel jonge promovendi geïnspireerd raken door Bauman, zoals Willem Schinkel die onlangs cum laude promoveerde op een proefschrift over geweld. Schinkel verklaart: ‘Dat is mooi, dat iemand heel erg kritisch is op de samenleving en de sociologie, dat iemand iets durft te zeggen.’ Voor Schinkel raakt Bauman de kern van de taak van de sociologie, namelijk de dagelijkse dingen te ontdoen van hun gewoonheid, ofwel in Baumans woorden: ‘To defamiliarize what is familiar’.
Het oordeel van sociologen met een voorkeur voor empirisch onderzoek valt minder positief uit. Ze gruwen van Bauman, of negeren hem. ‘Ik doe niks met hem in mijn onderzoek’, zegt Matthijs Kalmijn, hoogleraar sociologie aan de Universiteit van Tilburg. ‘Het is te breed en te vaag. Ik lees er gewoon te weinig hypothesen in die je kunt onderzoeken.’ En in een e-mail schreef hij als eerste reactie: ‘Gelukkig zijn er weinig sociologen in Nederland die hier iets mee doen. Ik hoop dat dat zo blijft.’ Ook de Nijmeegse hoogleraar methodologie der sociale wetenschappen Peer Scheepers zegt op resolute toon niets te gebruiken van het werk van Bauman.
Heeft Bauman dan geen gelijk als hij beweert dat de huidige sociologische concepten zijn verouderd? Kalmijn vindt van niet. Hij ziet niet in waarom je bij onderzoek naar de ontwikkelingen in gezinnen het concept ‘gezin’ zou moeten verlaten. ‘Gezinssituaties veranderen, vallen uiteen, maar waarom zou daarmee het concept gezin niet meer nuttig zijn of bestaan? Ik zie dat alleen als een spel met woorden, als dichtkunst.’
Ook Godfried Engbersen ziet Bauman hier een stap te ver gaan. ‘Natuurlijk ontkomt Bauman er zelf ook niet aan die begrippen te gebruiken’, zegt hij, ‘en zal veel van wat hij schrijft weerlegd worden.’ Ook Schinkel is het niet in alles met Bauman eens, maar vindt hem ‘Een internationale socioloog waar je niet omheen kunt’ Hij voegt daar teleurgesteld aan toe: ‘alleen in Nederland wel.’
Bauman zelf vindt dat een kort verhaal van Jorge Luis Borges nuttiger kan zijn dan een conventioneel sociologieboek. Hij ziet zichzelf als een vertaler van de wereld in teksten. De sociologie moet alert zijn op het leven dat wordt geleefd en geen afstand scheppen in methoden en statistieken. Dat verklaart ook waarom juist de Britse sociologie, met een sterk essayistische traditie, hem zo warm onthaalt en hij in Europa populairder is dan in Amerika.
Intellectuelen zouden meer flessenpost moeten versturen, volgens Bauman.
‘Waarom verdedigt u nog de sociologie?’, heeft Tony Blackshaw van Sheffield Hallam University Bauman ooit gevraagd. Waarop Bauman antwoordde dat hij de sociologie zag als een grote open schuur, waar alle ideeën welkom waren en pluralisme hoogtij vierde. ‘Poëten van de dominante trends zijn er genoeg’, schrijft Bauman en hij pleit ervoor dat intellectuelen meer flessenpost versturen: analyses in een fles stoppen, ook al weet je niet of en hoe die boodschap aankomt; de tegengeluiden moeten geventileerd. En waardevrij kan de sociologie natuurlijk niet zijn. In de sociologie gaat het om waarden en van waarden kun je niet zeggen of ze waar of onwaar zijn. Aldus Bauman.
Ghetto
Baumans vrouw Janina schreef een boek over haar oorlogservaringen in het ghetto van Warschau. Het bracht Bauman op de gedachte dat de kern van sociaal denken is dat we voorbij ons eigen leven moeten denken en leven voor de ander. Het verhaal van anderen moet publiek gemaakt worden. Levenstrajecten worden bepaald door de toevalligheid en ambivalentie van gebeurtenissen, schrijft hij. En mensen zijn in staat tot goed en kwaad.
De sociale wetenschap kan op zijn best oriëntaties bieden, geen oplossingen. De beste oriëntatie heet voor Bauman ‘verantwoordelijkheid’: verantwoordelijkheid nemen, oppositie voeren tegen de ‘bystanders’, tegen de toeschouwers die onderdrukking en exploitatie van anderen mogelijk maken. Voor de tachtigjarige socioloog betekent dat met de hete adem van de tijd in zijn nek meer en sneller publiceren voor een steeds breder publiek. Dat een deel van de wetenschappers hem niet meer leest, neemt hij daarbij op de koop toe.
Ellie Smolenaars is journalist en sociaal-wetenschappelijk onderzoeker. Ze schrijft onder meer voor NRC Wetenschap en is redacteur van FACTA, sociaal-wetenschappelijk magazine. Dit artikel is eerder verschenen in NRC Handelsblad 04-02-06 Wetenschap & Onderwijs: p.47
Westeraam op zijn achterste poten: de veiligheid is in het geding, want er worden verkeersborden en paaltjes weggehaald. Maar.. die regels en borden werden eerder helemaal niet gehandhaafd. Over schijnveiligheid en onveiligheidsgevoelens.
video by kanaal13televisie
Hoe vernieuwing en renovatie de beleving van veiligheid beinvloeden. Inwoners uit de Pijp aan het woord.
video by ymerecommunicatie
Zygmunt Bauman (1925) aan het woord. Over vloeibare angst, de samenleving na 9/11 en gated communities in Leeds.
video by studio4b
Over gated communities van Nederlanders: waar een illusie van geluk en veiligheid gecreëerd wordt. Van vakantiepark tot residentie in den vreemde.
video by Z33be